PLE bij de hond: een lekkende darm

Snel verder naar

Wat is PLE bij de hond?

Bij een gezonde hond breken de darmen eiwitten uit de voeding af en vervolgens nemen ze deze op in het bloed. Bij een hond met PLE is de darmwand ernstig beschadigd of functioneren de lymfevaten in de darm niet goed. Het gevolg is dat de darmen niet in staat zijn om het eiwit goed op te nemen, dat de darmen eiwit verliezen via de beschadigde darmwand en/of dat eiwitrijk lymfevocht uit de lymfevaatjes lekt. Een belangrijk eiwit dat het lichaam op deze manier via de ontlasting verliest, is albumine.

Albumine werkt in het lichaam als een soort spons die het vocht in de bloedvaten houdt. Als er een tekort is aan albumine in het bloed, kan het vocht uit de bloedvaten treden. Het vocht volgt de weg van de minste weerstand en hoopt zich daarom vaak op in de buikholte. Gevolg: een bolle, gespannen (hang)buik.

Welke rassen hebben vaak PLE?

Bij sommige hondenrassen zien we PLE veel vaker dan gemiddeld: Yorkshire Terriër, Rottweiler, Lundehund, Soft-Coated Wheaten Terriër en de Duitse Herder.

Hoe herken je PLE bij de hond? De belangrijkste symptomen

Veel honden met PLE hebben al langere tijd last van waterdunne of brijige diarree, maar soms zijn de verschijnselen heel subtiel.

  • Diarree en braken: dit zijn de meest voorkomende verschijnselen. Meestal is de ontlasting (water)dun, maar we spreken ook over diarree als je hond grotere hoeveelheden ontlasting heeft, meer dan twee keer per dag poept, of als er bloed of slijm bij zit.
  • Gewichtsverlies: door slecht eten, overgeven en diarree kan je hond steeds dunner worden. Maar ook zonder deze symptomen is het mogelijk dat je hond ernstig afvalt, omdat het verlies aan eiwit uiteindelijk leidt tot spierafbraak.
  • Ascites (vocht in de buik): sommige honden verliezen veel spieren, maar lijken toch steeds dikker te worden. Door het tekort aan albumine in het bloed, kan vocht uit de bloedvaten treden. Dit vocht hoopt zich op in de buikholte. Na verloop van tijd ontstaat een bolle buik die klotst of op spanning staat.
  • Oedeem: hoewel het meeste vocht zich doorgaans in de buikholte bevindt, kan er ook op andere plekken vocht ophopen. Dit kan bijvoorbeeld leiden tot een niet-pijnlijke verdikking van de huid in de poten of onder de borstkas
  • Benauwdheid: in ernstige gevallen kan het vocht ook in de borstkas, rondom de longen ophopen. Hierdoor krijgt een hond moeite met ademen.

Oorzaken van PLE bij de hond: waarom lekken de darmen?

De drie belangrijkste oorzaken voor protein-losing enteropathy bij de hond zijn:

  • Chronische darmontsteking: bij ongeveer 70% van de honden met PLE is er sprake van een chronische ontsteking in het maagdarmkanaal.
  • Lymfangiëctasie: bij ongeveer de helft van alle honden met PLE is er (ook) sprake van verwijding, ontsteking en/of verstopping van de lymfevaatjes. Dit kan resulteren in lekkage van eiwitrijk lymfevocht.
  • Darmkanker: sommige tumoren, zoals maligne lymfoom, kunnen de darmwand zodanig aantasten dat deze geen eiwit meer kan opnemen en/of gemakkelijk eiwit lekt.

Hoe stellen we de diagnose?

Honden met PLE gaan vaak in korte tijd hard achteruit. Het is daarom belangrijk om snel de oorzaak van de klachten op te sporen en te behandelen voordat je hond zieker wordt. Op basis van de ziekteverschijnselen kan er een sterke verdenking op een chronische darmziekte of PLE ontstaan, maar er zijn verschillende ziektes die dezelfde symptomen kunnen geven. Daarom is aanvullend onderzoek belangrijk.

Vervolgstappen zijn vaak:

  • Ontlastingsonderzoek: sommige parasitaire infecties kunnen in ernstige gevallen naast maagdarmklachten ook eiwitverlies veroorzaken.
  • Bloedonderzoek: een algemeen bloedonderzoek is belangrijk om andere oorzaken uit te sluiten. Bij PLE wordt vitamine B12 niet goed meer opgenomen, resulterend in een vitamine B12-tekort. Bloedonderzoek om te kijken of de klachten worden veroorzaakt door de voeding is niet betrouwbaar.
  • Urineonderzoek: sommige dieren hebben eiwitverlies via de darmen én de nieren (protein-losing nefropathy). Dit komt vaker voor bij Soft-Coated Wheaten Terriërs.
  • Buikecho: met een echo kunnen afwijkingen aan onder meer maag, darmen, lever, nieren en alvleesklier zichtbaar gemaakt worden. Ook vocht in de buik is zichtbaar op een echo. Indien nodig kan direct ook weefsel of vocht worden afgenomen voor nader onderzoek.
  • Endoscopie: een kijkonderzoek van de maag en darmen is de beste manier om het onderscheid tussen een darmontsteking, lymfangiëctasie en kanker te maken. Via de bek en/of anus wordt een flexibele slang met camera (endoscoop) in het maagdarmkanaal gebracht. De internist zal via de endoscoop met een klein tangetje weefselmonsters (biopten) verzamelen uit de maag en darmen. Een patholoog kan hier vervolgens een diagnose op stellen.
  • Operatie: soms is het alleen mogelijk om met een operatie de oorzaak van de symptomen op te sporen of te behandelen. Alle voorgaande onderzoeken helpen bij het maken van de beslissing of een operatie nodig is of niet.

Prednison en endoscopie: een goed idee?

Het wordt afgeraden om prednison of vergelijkbare medicijnen te gebruiken in de zes weken voorafgaand aan een endoscopie. Door gebruik ervan kunnen sommige ziektes (tijdelijk) niet meer worden vastgesteld. Mocht jouw hond al prednison gebruiken en niet zo lang zonder kunnen, dan is het verstandig om dit met de internist te bespreken.

De behandeling van honden met PLE: zachte heelmeesters maken stinkende wonden

Met de onderzoeken en behandeling van een hond met PLE moet niet te lang worden gewacht. De ziekte kan heel snel verlopen, dus een juiste diagnose, intensieve behandeling en regelmatige controles zijn belangrijk voor een succesvol verloop. In geval van kanker is de behandeling afhankelijk van het soort kanker (chemotherapie, operatie). Bij ontsteking van de darmen en lymfevaten zijn er de volgende opties:

  • Voeding: honden krijgen bij voorkeur een zeer vetarm dieet, in het bijzonder als er afwijkingen aan de lymfevaten zijn geconstateerd. De lymfebanen transporteren namelijk ook veel vetten, dus (te) veel vet zet ze onder druk. Als er gedacht wordt aan een voedselovergevoeligheid als oorzaak voor een darmontsteking, wordt gekozen voor een hypoallergeen dieet of een combinatie van hypoallergeen en vetarm voer. Bij een deel van de honden lukt het om de ziekte met alleen een aangepaste voeding onder controle te krijgen. Omdat het enkele weken kan duren voordat een nieuw dieet goed aanslaat en PLE soms agressief kan verlopen, is het belangrijk om de klinische toestand goed in de gaten te houden als het dieet niet wordt gecombineerd met medicijnen.
  • Ontstekingsremmers: in veel gevallen kiezen we voor een behandeling met prednison als er sprake is van een ontsteking van de darmen en/of lymfevaatjes. Soms zal er een tweede ontstekingsremmer worden ingezet, zoals ciclosporine of chloorambucil. Dat is bijvoorbeeld een optie als de ziekteverschijnselen niet volledig verdwijnen met prednison of als prednison te veel bijwerkingen veroorzaakt. Budesonide is een medicijn dat in theorie minder bijwerkingen geeft dan prednison, maar in de praktijk blijkt dat niet altijd het geval en soms onderdrukt het de ontsteking ook minder goed. Daarom gaat vaak in eerste instantie de voorkeur toch uit naar prednison.
  • Aanpassen van de darmflora: voorheen werden antibiotica (bijvoorbeeld metronidazol of tylosine) gebruikt om de darmflora aan te passen bij dieren met een chronische darmontsteking. Omdat (langdurig) gebruik van antibiotica nadelige gevolgen kan hebben voor mens en dier, heeft dat tegenwoordig niet meer de voorkeur. Probiotica kunnen als alternatief worden gebruikt, maar lijken hooguit op korte termijn (milde) verbetering te geven. Een mogelijke manier om de darmflora langdurig aan te passen is door middel van poeptransplantaties.
  • Stamceltherapie: er zijn enkele kleinschalige onderzoeken gedaan naar het gebruik van stamcellen bij de behandeling van een chronische darmontstekingen. Hoewel de eerste resultaten positief zijn, moet er nog uitgebreider onderzoek worden gedaan om er zeker van te zijn dat het veilig is en wat de meerwaarde is bij PLE. Het wordt daarom alleen in uitzonderlijke gevallen toegepast. 
  • Galzuurbinders: er is een handjevol honden beschreven met iets wat we “galzuurdiarree” noemen. Bij deze honden gaat er iets mis in de verwerking van schadelijke galzouten, wat leidt tot een chronische ontstekingsreactie in de darmen. Door een galzuurbinder te geven (colestyramine), wordt geprobeerd om de darm te beschermen tegen deze galzouten.
  • Symptomatische behandeling: afhankelijk van de ziekteverschijnselen kan het nodig zijn om ondersteunende medicijnen te geven, zoals tabletten die misselijkheid, braken of buikpijn onderdrukken.

Hoe lang leeft een hond met PLE?

PLE is een chronische ziekte en in de meeste gevallen niet te genezen. Uit onderzoek blijkt dat ongeveer 50-70% van de dieren opknapt met voeding en/of medicijnen, maar vaak moeten ze wel levenslang worden behandeld. Als een hond goed is hersteld en de medicatie volledig kon worden afgebouwd, is een periodieke controle bij de dierenarts of internist raadzaam. Die kan bijvoorbeeld met bloedonderzoeken controleren of albumine op peil blijft en tijdig ingrijpen als het weer dreigt te zakken.

Waarom een second opinion bij PLE?

PLE is een complexe aandoening. Een tijdige diagnose en gerichte behandeling zijn belangrijk voor een succesvolle uitkomst. Heeft jouw hond PLE maar knapt hij niet op? Twijfel je of je hond het juiste dieet krijgt? Heeft je hond veel bijwerkingen van de medicatie? Als internist voor dieren heb ik veel ervaring met de diagnose en diverse therapieën van PLE bij de hond. Wil je graag een second opinion? Vraag dan een digitaal consult aan.