Immuungemedieerde trombocytopenie bij de hond (ITP): oorzaken, diagnose en behandeling

Heeft jouw hond plotseling last van bloedingen, blauwe plekken of zwarte ontlasting? Laat het bloedonderzoek een gevaarlijk laag aantal bloedplaatjes zien? Dan kan immuungemedieerde trombocytopenie (ITP) de oorzaak zijn. Ik leg je uit wat immuungemedieerde trombocytopenie bij de hond is, hoe het wordt vastgesteld en waarom specialistische zorg belangrijk is.

Wat is immuungemedieerde trombocytopenie bij honden?

Immuungemedieerde trombocytopenie (ITP) is de meest voorkomende verkregen bloedstollingsstoornis bij de hond. Bij ITP valt het eigen afweersysteem de bloedplaatjes (trombocyten) aan en vernietigt ze sneller dan het lichaam ze kan aanmaken. Bloedplaatjes zijn essentieel voor de primaire bloedstolling. Zonder voldoende bloedplaatjes kan zelfs een kleine verwonding leiden tot ernstige bloeding.

De ziekte kan primair zijn, wat inhoudt dat het afweersysteem ontregeld raakt zonder dat we hier een oorzaak voor kunnen ontdekken. Maar soms ontstaat immuungemedieerde trombocytopenie bij de hond secundair, als reactie op een onderliggende infectie, geneesmiddel of tumor. Het is belangrijk om dat onderscheid te maken, want het kan grote invloed hebben op de behandeling.


Welke symptomen zie je bij een hond met immuungemedieerde trombocytopenie?

De symptomen van ITP bij de hond kunnen sterk variëren, maar in de meeste gevallen is er sprake van:

  • Petechiën en ecchymosen: dit zijn kleine rode stipjes of blauwe plekken die je bijvoorbeeld kunt zien op de huid, het tandvlees of het oogwit.
  • Melena: dit is de naam voor zwarte ontlasting. Het ontstaat door bloedingen in het maagdarmkanaal.
  • Langer nabloeden na het oplopen van een kleine wond of bloedafname
  • Vermoeidheid en bleke slijmvliezen: door bloedverlies kan bloedarmoede ontstaan.
  • Bloeding in de longen of het centrale zenuwstelsel is zeldzaam, maar kan levensbedreigend zijn en vereist vaak onmiddellijke behandeling.

Hoe stellen we de diagnose immuungemedieerde trombocytopenie bij de hond?

ITP is een diagnose die we stellen door andere ziektes uit te sluiten, omdat er helaas nog geen enkele commerciële test is die de aandoening definitief kan bevestigen. Ik voer vaak de volgende onderzoeken uit bij (een verdenking op) ITP:

  • Bloedonderzoek. Een volledig bloedbeeld is de eerste stap. Een plaatjesaantal onder de 20.000/μL is sterk suggestief voor ITP, al kan dit ook bij andere aandoeningen voorkomen. Het is belangrijk dat een bloeduitstrijkje wordt bekeken, om uit te sluiten dat het aantal bloedplaatjes vals verlaagd is door samenklontering in het bloedmonster (aggregaten). Stollingstijden (PT en aPTT) kunnen helpen om uit te sluiten dat er sprake is van verhoogd verbruik of verlies, zoals bij bloedingen door een rattengifintoxicatie of bij diffuse intravasale stolling.
  • Uitsluiten van onderliggende oorzaken. Omdat secundaire ITP een andere aanpak vraagt, is screening op mogelijke triggers essentieel. Er is dan vaak uitgebreid onderzoek nodig. Denk dan aan lichamelijk onderzoek, algemeen bloedonderzoek, urineonderzoek, eventueel ontlastingsonderzoek, en beeldvorming (röntgenfoto’s van de longen, echo van de buik, of CT van borst en buik). Mogelijke oorzaken van secundaire ITP zijn:
    • Infectieziekten 
      Denk aan Ehrlichia, Anaplasma, Leishmania, Rangelia en mogelijk Babesia of Angiostrongylus vasorum. Niet al deze ziekteverwekkers komen van nature in Nederland voor, dus het is belangrijk om te kijken in welke landen een hond is geweest. Er zijn verschillende testmethoden. Waar mogelijk vragen we een combinatie aan van microscopisch onderzoek, PCR en antilichaamtiters.
    • Medicijnen
      Sulfonamiden zijn een eerste keus antibioticum voor honden met blaasontsteking. Hoewel het zeldzaam is, is er wetenschappelijk bewijs dat sulfonamiden ITP bij honden kunnen veroorzaken.
    • Tumoren
      Hoewel het heel zeldzaam is, kunnen tumoren het immuunsysteem ontregelen en zijn er gevallen beschreven waar bijvoorbeeld maligne lymfoom gepaard ging met ITP.
    • Vaccinaties
      ITP na vaccinatie is wel eens beschreven, maar het lijkt een extreem zeldzame bijwerking of simpelweg toeval te betreffen.
    • Toxines
      Er zijn onderzoeken waarin honden werden beschreven die waren gebeten door een ratelslang of specifieke honingbij, waarna ze een tekort aan bloedplaatjes ontwikkelde. Of dit daadwerkelijk secundaire ITP was, is onduidelijk. Dat sluit niet uit dat bepaalde gifstoffen tot ITP kunnen leiden, maar het lijkt in ieder geval zeer zeldzaam.
    • Andere ontstekingen of auto-immuunziektes
      Theoretisch zou een ontstekingsreactie kunnen leiden tot de productie van antilichamen die meerdere cellen/organen aanvalt. Ook kan een ontregeld immuunsysteem tot ontsteking leiden in meerdere orgaansystemen. Toch is het zeer dat ITP samengaat met andere ontstekingsreacties. Een uitzondering is syndroom van Evans, een ziekte waarbij immuungemedieerde trombocytopenie en immuungemedieerde hemolytische anemie (IMHA) gelijktijdig optreden.
  • Beenmergonderzoek. Dit voeren we uit als we vermoeden dat er geen probleem is met de afbraak, maar een probleem is met de aanmaak van de bloedplaatjes. Doorgaans gaat dit gepaard met tekorten aan andere cellen, zoals witte bloedcellen. Daarom doe ik het beenmergonderzoek vrijwel alleen als een hond met trombocytopenie ook een onverklaarbare daling in andere bloedcellen laat zien. 

Wat is de behandeling van immuungemedieerde trombocytopenie bij honden?

De behandeling is gericht op het onderdrukken van de afweerreactie en het voorkomen of stoppen van levensbedreigende bloedingen. Het streven is dan het aantal trombocyten stijgt tot boven 100.000/μL. 

  • Glucocorticoïden: de eerste keus. Een immunosuppressieve dosis prednison of dexamethason is de basis van de behandeling. Bij de meeste honden slaat dit binnen 5-7 dagen. 
  • Vincristine bij ernstige bloeding. Bij honden die veel bloed verliezen en bloedarmoede hebben ontwikkeld, wordt aangeraden om een eenmalige injectie vincristine te geven. Dankzij vincristine neemt het aantal bloedplaatjes sneller toe, waardoor een hond ook minder lang in het ziekenhuis hoeft te verblijven. 
  • Humaan intraveneus immunoglobuline (hIVIg). De combinatie van prednison/hIVIg blijkt even effectief als prednison/vincristine, maar is vele malen duurder. Als een hond gevoelig is voor vincristine (ABCB1 of MDR1 mutatie) of als vincristine niet effectief is gebleken, dan kan het zinvol zijn om hIVIg te geven.
  • Een tweede immunosuppressivum. Er wordt vaak een tweede ontstekingsremmer ingezet als er na 5-7 dagen onvoldoende respons is, als een hond veel last heeft van bijwerkingen van prednison of als er meerdere bloedtransfusie in korte tijd nodig zijn. Er is nog weinig wetenschappelijk onderzoek dat de effectiviteit hiervan daadwerkelijk bewijst. Ook is nog niet bekend welk middel dan het beste kan worden gebruikt. Mogelijkheden zijn azathioprine, ciclosporine, leflunomide of mycofenolaatmofetil. 
  • Bloedtransfusie: een transfusie is alleen geïndiceerd bij ernstige of levensbedreigende bloedingen.

Honden met primaire ITP worden vaak maanden behandeld. Bij honden met secundaire ITP is het vooral belangrijk dat de onderliggende oorzaak wordt behandeld als dat mogelijk is. Soms hebben zij ook tijdelijk ontstekingsremmers of een bloedtransfusie nodig.


Wat als de behandeling van mijn hond met immuungemedieerde trombocytopenie niet aanslaat?

Er is beperkt wetenschappelijk bewijs dat verwijdering van de milt (splenectomie) tot verbetering leidt als de standaard behandelingen niet aanslaan. Ook kan een behandeling met romiplostim worden overwogen, maar dat medicijn is helaas zeer kostbaar en daarom meestal financieel niet haalbaar.


Wat is de prognose voor honden met immuungemedieerde trombocytopenie?

Afhankelijk van de ernst kan tot wel 27% van de honden met ITP overlijden. Gelukkig reageert een groot deel van de dieren wel goed op de behandeling. Toch kan ook daarna nog een terugval optreden, wat bij 9 tot 47% van de honden gebeurt. Zo’n terugval gebeurt meestal tijdens de eerste maanden na de diagnose. Geleidelijk afbouwen van de medicatie en regelmatige bloedcontroles zijn essentieel om een terugval tijdig te herkennen.


Wanneer is een online second opinion zinvol?

Immuungemedieerde trombocytopenie bij honden is een complexe aandoening waarbij de diagnose, keuze van medicatie en het tempo van afbouwen maatwerk vereisen. Een verkeerde inschatting, zoals te snel afbouwen of een onderliggende infectie missen, kan grote invloed hebben op de uitkomst. Tijdens een digitaal consult kan ik de situatie van jouw hond doornemen en geef ik je een helder advies over de beste volgende stappen.

Bart Ruijter is Europees specialist interne geneeskunde bij honden en katten. Naast zijn werk als specialist in een dierenziekenhuis, biedt Bart digitale second opinions en consulten via internistvoordieren.nl.


Veelgestelde vragen

Hoe gevaarlijk is immuungemedieerde trombocytopenie voor mijn hond? 

ITP kan ernstig zijn, maar met een snelle diagnose en de juiste behandeling overleven de meeste honden. De prognose is het best bij honden zonder ernstige bloeding.

Kan immuungemedieerde trombocytopenie bij honden vanzelf overgaan?

Nee, die kans is uiterst klein. Primaire ITP moet worden behandeld met ontstekingsremmers. Secundaire ITP kan verbeteren nadat de onderliggende oorzaak is behandeld, maar regelmatig moeten ook tijdelijk ontstekingsremmers worden ingezet.

Hoe lang moet mijn hond met immuungemedieerde tromboyctopenie medicijnen slikken?

Dat verschilt per hond, maar doorgaans meerdere maanden. Afbouwen gaat geleidelijk en bij voorkeur worden regelmatig bloedcontroles uitgevoerd. Sommige honden hebben levenslange behandeling nodig.

Kan immuungemedieerde trombocytopenie bij honden terugkomen?

Ja, terugval komt voor bij 9 tot 47% van de honden, vaak in de eerste maanden. Regelmatige controles zijn daarom belangrijk.

Welke honden hebben meer risico op immuungemedieerde trombocytopenie?

Bepaalde rassen zoals Cocker Spaniels en Poedels lijken vaker aangedaan, maar ITP kan bij elke hond voorkomen.

Mag mijn hond met immuungemedieerde tromboycytopenie worden gevaccineerd?

Er is geen bewijs dat dit gevaarlijk is, maar dit kan het beste per individuele hond worden bekeken, waarbij de risico’s van wel en niet vaccineren tegen elkaar worden afgewogen. Het is verstandig om na de vaccinatie de bloedplaatjes nauwlettend in de gaten te houden.